Rubberen hulpstukken kiezen voor de juiste leidingconfiguratie
Bij een leidingtraject bepaalt de gewenste verbinding welke rubberen hulpstukken nodig zijn. Een rechte verbinding met gelijke maat vraagt een andere oplossing dan een afsluiting, een verandering van richting of een aftakking. Vergelijk daarom eerst de vorm van de bestaande en gewenste aansluiting. Controleer vervolgens of aan beide zijden dezelfde maat nodig is of dat een verloop vereist is. Zo voorkomt u dat een rechte mof wordt gekozen waar een maatverschil of richtingsverandering moet worden opgevangen.
De aansluiting gebeurt met een mofuitvoering. Die uitvoering moet aansluiten op de bestaande verbinding en op de maatvoering van het te koppelen deel. Bij rubber fittingen is het daarom belangrijk om niet alleen naar de nominale maat te kijken, maar ook naar de combinatie van vorm, mof en eventuele overgang tussen twee maten.
Een rubberen sok of verloopsok afstemmen op de maat
Kies een rubberen sok wanneer een rechte verbinding met dezelfde maat nodig is. Een sok rubber mof van 50 mm is een concreet voorbeeld van een verbinding waarbij beide zijden op dezelfde maat zijn afgestemd. Dit type rubberen hulpstuk is passend wanneer de leidingloop recht blijft en er geen aftakking of bocht nodig is.
Wanneer twee maten moeten worden gekoppeld, is een NBR verloopsok de gerichte keuze. Een uitvoering van 63 mm x 50 mm maakt duidelijk dat de maat aan beide zijden van elkaar kan verschillen. Controleer altijd welke maat aan elke zijde vereist is. Een verloopsok lost het maatverschil op, maar verandert de richting van de verbinding niet.
Wanneer een NBR-knie of verloopknie 90° passend is
Voor een wijziging van de leidingrichting met 90° is een NBR-knie 90° geschikt wanneer de maat aan beide zijden gelijk blijft. Een knie 90° NBR mof van 50 mm past bij een verbinding die tegelijk een haakse richtingwijziging en een mofverbinding met dezelfde maat vraagt.
Een verloopknie 90° combineert twee selectiecriteria: een haakse bocht en een overgang tussen maten. De uitvoering 50 mm x 40 mm is relevant wanneer de richting moet veranderen en de aansluitmaten niet gelijk zijn. Vergelijk een verloopknie dus niet alleen met een gewone knie, maar ook met de combinatie van een rechte verloopverbinding en een bocht. De verloopknie is vooral logisch wanneer beide functies in één verbinding nodig zijn.
Aftakken of afsluiten met NBR-hulpstukken
Voor een extra tak in een leidingconfiguratie is een NBR-T-stuk 90° de aangewezen vorm. Een T-stuk 90° NBR mof van 50 mm past wanneer een aftakking met die maatvoering nodig is. Bepaal vooraf welke verbinding de doorgaande lijn vormt en waar de aftakking moet komen. Zo kan worden beoordeeld of een T-stuk de vereiste richting en aansluiting ondersteunt.
Een NBR-eindkap mof dient voor het afsluiten van een mof. Een eindkap van 50 mm moet daarom overeenstemmen met de maat van de mof die afgesloten wordt. Kies geen eindkap als een verbinding, bocht of aftakking nodig blijft. De functie is specifiek gericht op afsluiten, waardoor maat en mofuitvoering de belangrijkste controles zijn.
Rubberen membranen per maat vergelijken
Naast moffen, knieën, verloopstukken en T-stukken kunnen rubberen membranen relevant zijn wanneer een membraan nodig is. Er zijn membranen met een maat van 33 mm en 40 mm. De maat is hierbij het directe selectiecriterium. Stem de gekozen membraanmaat nauwkeurig af op de vereiste maat en vergelijk geen membraan met een mof, sok of eindkap: deze rubberen onderdelen hebben elk een andere vorm en functie binnen de verbinding.
Praktische controle vóór de keuze
Breng eerst de benodigde verbindingen in kaart: recht verbinden, afsluiten, van maat veranderen, 90° afbuigen of aftakken. Leg daarna de maatvoering aan beide zijden vast. Kies vervolgens tussen een rubberen sok, NBR eindkap, NBR verloopsok, NBR knie 90°, NBR verloopknie 90° of NBR T-stuk 90°. Door vorm, mofuitvoering en maat samen te beoordelen, kan elk rubberen hulpstuk gericht worden afgestemd op de vereiste leidingconfiguratie.